Terug
Een ‘nieuw habijt’ voor de dominicanen (m/v)
Een ‘nieuw habijt’ voor de dominicanen (m/v)
Een ‘nieuw habijt’ voor de dominicanen (m/v)
Een ‘nieuw habijt’ voor de dominicanen (m/v)
Een ‘nieuw habijt’ voor de dominicanen (m/v)
Een ‘nieuw habijt’ voor de dominicanen (m/v)
Een ‘nieuw habijt’ voor de dominicanen (m/v)
Een ‘nieuw habijt’ voor de dominicanen (m/v)

Een ‘nieuw habijt’ voor de dominicanen (m/v)

Als Dominicus vandaag zijn broeders en zusters zou uitsturen met dezelfde opdracht als 800 jaar geleden, hoe zouden ze er dan uitzien?

Click here for an English version

Die vraag stelden we aan modekunstenaar Borre Akkersdijk en zijn atelier Byborre. Voor hen was het een kennismaking met een andere wereld, waar ze toch gemeenschappelijke waarden in bleken te ontdekken.

Borre: ‘Nee, dacht ik in eerste instantie. Ik associeerde de kerkelijke wereld vooral met misbruik van macht en vertrouwen, maar ik ontdekte hier dat het eigenlijk ook over iets heel anders ging. Over het goed met elkaar omgaan bijvoorbeeld, respect hebben voor naasten, maar ook voor de materialen om je heen.’

Lees het hele interview met mode-ontwerper Borre Akkersdijk op www.nieuwwij.nl.

Dagblad Trouw plaatste op 20 januari een interview met de kunstenaar en dominicanen René Dinklo en Jozef Essing.

Bij het ontwerpen was Borre getroffen door het oorspronkelijke verlangen van dominicanen om niet hoog te paard of in mooie gewaden te preken, maar te voet te gaan, in kleding van ongeverfde wol, en in eenvoud tussen de mensen te leven.

Die boodschap van soberheid, van anders én gelijk zijn vertaalde Borre in zijn ontwerp. Hij maakte een ontwerp van een set van twaalf kledingstukken, die door mannen en vrouwen te dragen zijn. Hij koos voor elementen die voor meerdere culturen herkenbaar zijn, omdat de dominicanen wereldwijd opereren.

Borre koos voor stoffen die in Nederland praktisch zijn – warm en waterafstotend – maar het ontwerp is ook uit te voeren in lichtere stoffen voor in warmere streken. Hij nam er kleuren voor die op dat moment op voorraad waren bij de leverancier.

Het ontwerp telt veel zakken en is eenvoudig op maat te maken. Het gilet met de kap is te dragen als een capuchon in de regen, maar is ook te vergroten, zodat het een capuche is waarin een zuster of broeder zich even terug kan trekken voor gebed.

Borre zelf zou het mooi vinden als onderdelen van het nieuwe habijt ook gedragen zouden worden door mensen die geen dominicaan zijn, maar zich wel herkennen in waarden die ze met de Orde delen.

Het witte habijt en de zwarte mantel zijn voor de dominicanen van iconische waarde. Ze staan zelfs beschreven in de constituties, de grondwet van de Orde. ‘Het nieuwe habijt’ zal aanleiding zijn voor gesprekken over wat de dominicaanse zusters en broeders uitdragen en belichamen.

Vanwege het 800-jarig bestaan organiseerde de dominicaanse familie in Nederland een jaar van ontmoetingen met ‘welwillende wildvreemden’, mensen met wie ze normaal niet snel in aanraking komen: studenten, bierdrinkers, schrijvers, radioluisteraars en kunstenaars.

De gedachte daarachter was dat je in ontmoetingen wijzer wordt, zelfs al wordt je het niet eens. Dominicus zelf akkerde ooit een nacht door met een herbergier over het geloof en diens kathaarse opvattingen.

De waard bekeerde zich, zo zegt dit oerverhaal van de Orde, en Dominicus begon daarna te bouwen aan een gemeenschap van gestudeerde bedelbroeders en zusters, een noviteit in die dagen.

Lees ook deze overpeinzing over het habijt van Richard Steenvoorde o.p.

Het jubileumjaar liep van 7 november 2015 tot 21 januari 2017. Op 2 februari hebben we nog een ‘toetje’: een gesprek met Bas Heijne en Erik Borgman in Tilburg, over de staat van onze democratie en wat we van 800 jaar dominicaanse democratie kunnen opsteken.

Foto’s: Roel van Koppenhagen